Ronald Koeman staat weer op het veld. Na een seizoen zonder club te hebben gezeten, staat Koeman sinds deze week op het trainingsveld van landskampioen AZ. Enkele weken geleden werd hij door voorzitter Dirk Scheringa gepresenteerd als opvolger van de beoogde sir Alex Ferguson van de Zaanstreek. Daarmee komt een einde aan een clubloos jaar van Koeman. Toch was er geen sprake van een roemloos jaar, want Koeman maakte een jaar lang een onuitwisbare indruk bij de NOS. Niet alleen gaf Koeman analyses bij Champions League wedstrijden, ook schoof hij zondags regelmatig aan bij de Jack van Gelder show.
Ik heb genoten van Koeman het afgelopen jaar. Hij wekte de indruk geen enkele spijt te hebben van zijn overstap naar Valencia. Misschien alleen omdat de kans dat hij ooit nog trainer van het door hem geliefde Barcelona wordt, gekrompen is, want serieus nemen ze Koeman niet meer in Spanje. Toch zie ik Koeman na het lezen van een vernietigend artikel in Marca slechts zijn schouders ophalen, snel naar de zolder lopen, een aantal medailles tevoorschijn halen en zichzelf een klopje op zijn schouder geven. “Laat ze maar schrijven, ik ben wel een goede trainer.” Vlak voor het slapengaan doet Bertina nog een duit in het zakje. “Ja schat, je bent een topper.” Tevreden sluit Koeman zijn ogen.
In de overtuiging van zijn eigen gelijk voelde Koeman zich niet te groot te solliciteren bij elke trainerloze club. Huub Stevens ging weg bij PSV, Koeman bood zich aan bij Jan Reker. ‘Sorry dat ik naar Valencia ging, maar de train komt maar één keer langs en dan moet je erop springen.’ Marco van Basten achtte zichzelf niet capabel Ajax verder te leiden, Koeman had wel oren naar een terugkeer bij Ajax. ‘Ajax is en blijft een mooie club, daar zeg ik niet op voorhand nee tegen.’ Louis van Gaal kreeg zijn gewilde laatste kans in de Europese top bij Bayern, Koeman zag zijn kans schoon weer voort te borduren op het werk van een toptrainer. Dit keer stuurde hij zijn zakenwaarnemer naar Alkmaar in plaats van zelf een open sollicitatie te doen op zondagavond. Ik vraag me af welke open deur Koeman intrapte tijdens zijn eerste ontmoeting met de leiding van de club.
De Champions League avonden bij de NOS zullen aankomend seizoen niet meer hetzelfde zijn. Open deuren kunnen ook door Youri Mulder ingetrapt worden, maar Engelse clubnamen komen niet zo mooi over zijn lippen als bij Koeman. Hopelijk is de NOS zo verstandig Koeman voor iedere Champions League wedstrijd van AZ te interviewen. Mocht AZ toevallig Mansjester of Sjelsea loten in de eerste ronde, is mijn seizoen bij voorbaat al geslaagd. Tom Egbers moet vooral niet vergeten vooraf de opstelling te vragen aan Ronald. Ik ben benieuwd wie er op de kool staat.
dinsdag 16 juni 2009
donderdag 28 mei 2009
De vloek van het ouder worden
Ieder jaar kom ik ze weer tegen met mijn voetbalelftal: oude, ongetwijfeld onder de plak zittende mannen die op zondag de herinnering aan vervlogen tijden in leven proberen te houden door een potje te gaan voetballen. Helaas gaat het allemaal niet meer zo soepel, de spieren kunnen niet meer wat het hoofd bedenkt.
Deze mannen worden bang als ze op internet lezen dat de volgende tegenstander Swift heet. Daar spelen immers vaak studenten die nog wel fit zijn. Hoe gaan we ze dit weekend in hemelsnaam bijbenen? Op zondag verzamelen ze op de club om richting Amsterdam Oud-Zuid te trekken, een door jaloezie verafschuwde buurt. Dat Swift gewoon op één van de mooiste sportparken van het land speelt, kunnen de heren vaak niet toegeven.
Eén van deze oude mannen is schrijver Jan van Mersbergen. Op zijn blog geeft meneer aan ‘altijd te willen schoppen’ wanneer hij tegen Swift speelt. Verontwaardigde reacties op deze schoppen kan hij niet geloven, het is toch voetbal? Natuurlijk hoort fysiek contact bij de sport maar een speler die wil ‘schoppen’ en ‘uitdelen’ vanwege de achtergrond van de tegenstander is niet hetzelfde als een ‘fysieke en nette speler’, beste Jan.
Het is niet zo dat iedere in Amsterdam Oud-Zuid woonachtige jongen nooit een strobreedte in de weg is gelegd. En mocht dat wel zo zijn, dan zou u daar op het veld absoluut geen verandering in kunnen brengen. Maargoed, u heeft door te schoppen ongetwijfeld een aantal prachtige weekenden gehad. Nederlagen kunnen een aantal goedgeplaatste geweldsdelicten natuurlijk nooit verpesten.
Afgelopen seizoen zijn wij (Swift zondag 11) ondanks een aantal Jan van Mersbergen-elftallen kampioen geworden en dus gepromoveerd. We promoveren ons dus wel bij hen vandaan. Ik adviseer de heer Van Mersbergen zo spoedig mogelijk te stoppen, maar heb weinig hoop van slagen. Aan de andere kant wil ik hem zijn plezier niet ontnemen: hij mag me best een keertje schoppen.
Reactie op blog van Jan van Mersbergen, 23 mei 2009, klik hier
Deze mannen worden bang als ze op internet lezen dat de volgende tegenstander Swift heet. Daar spelen immers vaak studenten die nog wel fit zijn. Hoe gaan we ze dit weekend in hemelsnaam bijbenen? Op zondag verzamelen ze op de club om richting Amsterdam Oud-Zuid te trekken, een door jaloezie verafschuwde buurt. Dat Swift gewoon op één van de mooiste sportparken van het land speelt, kunnen de heren vaak niet toegeven.
Eén van deze oude mannen is schrijver Jan van Mersbergen. Op zijn blog geeft meneer aan ‘altijd te willen schoppen’ wanneer hij tegen Swift speelt. Verontwaardigde reacties op deze schoppen kan hij niet geloven, het is toch voetbal? Natuurlijk hoort fysiek contact bij de sport maar een speler die wil ‘schoppen’ en ‘uitdelen’ vanwege de achtergrond van de tegenstander is niet hetzelfde als een ‘fysieke en nette speler’, beste Jan.
Het is niet zo dat iedere in Amsterdam Oud-Zuid woonachtige jongen nooit een strobreedte in de weg is gelegd. En mocht dat wel zo zijn, dan zou u daar op het veld absoluut geen verandering in kunnen brengen. Maargoed, u heeft door te schoppen ongetwijfeld een aantal prachtige weekenden gehad. Nederlagen kunnen een aantal goedgeplaatste geweldsdelicten natuurlijk nooit verpesten.
Afgelopen seizoen zijn wij (Swift zondag 11) ondanks een aantal Jan van Mersbergen-elftallen kampioen geworden en dus gepromoveerd. We promoveren ons dus wel bij hen vandaan. Ik adviseer de heer Van Mersbergen zo spoedig mogelijk te stoppen, maar heb weinig hoop van slagen. Aan de andere kant wil ik hem zijn plezier niet ontnemen: hij mag me best een keertje schoppen.
Reactie op blog van Jan van Mersbergen, 23 mei 2009, klik hier
donderdag 14 mei 2009
Boring Arsenal, een gratis hamburger, geen camera, COME ON BURNLEY!
Een goede vriend van mij vertoefde enkele maanden in Londen en gezien de afstand en het brede scala aan vervoersmiddelen, leek het me meer dan redelijk een bezoekje te brengen aan deze stad. Ik was nog maar een enkele keer op het Britse eiland geweest en keek er het hele weekend dan ook steevast de verkeerde kant op bij het oversteken.
Ik besloot met de trein te reizen. Dat leek me wel een keer leuk. Jammer dat je langer over het eerste stuk (van Amsterdam naar Brussel) doet dan over het tweede stuk (van Brussel naar Londen). Bovendien was het uitermate irritant dat iedere mededeling in zowel het Engels, het Nederlands als het Frans werd gedaan, hoewel het in Frans ondergedompelde Nederlands van een enkeling best vermakelijk was.
Aangekomen in de stad, stapten we natuurlijk in de eerste de beste dubbeldekker, die ons maar al te graag richting het noorden van het centrum bracht. Daar was het hoog tijd een kijkje te nemen in het studentencomplex waar ik drie nachten zou resideren. De buren bleken geniaal, de keuken uitermate smerig, de douches op allerlei manieren gehandicapt en ook de wekenoude drol in de WC droeg zijn steentje bij aan de algemene indruk.
Ondanks de hoeveelheid afval in de keuken, lukte het me twee keer een hele aardige maaltijd op tafel te zetten. Dit in tegenstelling tot de Britse culinaire hoogstandjes die we in de kantine van het complex voorgeschoteld kregen op de eerste avond. Een echte aanrader voor liefhebbers van grote stapels ongezond eten, want zelfs de groentes leken mijn weerstand slechts te verslechteren.
De bedoeling van het weekend was naast de nodige gezelligheid natuurlijk ook het bezoeken van een Britse pot voetbal. Na een lange en intensieve speurtocht bleken alle lower league clubs te ver weg. Hoe is het toch mogelijk dat een reis binnen één stad even lang kan duren als een enkeltje Eindhoven. Gelukkig was het FA Cup weekend en konden we voor het schamele bedrag van 46 pond genieten van Arsenal-Burnley. Gelukkig konden we gratis met bus, want ook in Londen vertoont de OV-chipkaart (de Oyster) wat problemen. Niet met de apparatuur, maar als je ook zonder te scannen naar binnen en buiten kan, is het systeem nog niet waterdicht in mijn ogen.
De wedstrijd was natuurlijk eigenlijk helemaal niet leuk. Burnley had het geluk voor het seizoen al opgemaakt in eerdere cupconfrontaties met Premier League clubs en Arsenal is gewoon een walgelijke club, met vooral een verschrikkelijke trainer en een ergerniswekkend hoog aantal buitenlanders onder contract. En om nou te zeggen dat de sfeer in het stadion typisch was…Om eens heen zaten voornamelijk andere toeristen, die in tegenstelling tot ons wel een werkende camera of in ieder geval een niet prehistorische mobiele telefoon hadden meegenomen.
Ondanks drie mooie doelpunten (Vela, Eduardo en Eboué) was de wedstrijd eigenlijk het aanzien niet waar. Mooier was de Burnley aanhang die het elftal luidkeels aanmoedigende, zelfs bij deze kansloze nederlaag. Come on, Burnley! Sommige supporters waren zelfs zo fanatiek, dat de stewards zich genoodzaakt zagen ze af te voeren. Voor ons deden er bij Burnley maarliefst twee bekenden mee, te weten Joey Gudjohnsson (eerder RKC en AZ) en Christopher Eagles (eerder NEC), en doelman Jensen deed ons qua postuur enigszins aan een keeper van FC Volendam denken.
Overigens was het leukste aan de hele wedstrijd dat we voor de wedstrijd maarliefst zes pond hadden gewed, drie op 2-0 en drie op 3-0. Omdat we zoveel geld hadden uitgegeven aan een kaartje, konden we de 21 pond die we wonnen goed gebruiken. We gingen dan ook direct na het ophalen van het geld een hamburger halen, en ik moet zeggen, het voelde alsof hij gratis was en lekkerder dan dat ga je ze niet krijgen in je leven.
Toegegeven: het stadion is best mooi en de sfeer rondom het stadion deed mij denken aan verslagen van anderen, maar uiteindelijk viel het geheel toch ietwat tegen. Niet dat ik me niet prima vermaakt heb en er absoluut geen spijt van zo’n grote investering in deze club te doen, maar het voelde niet als een nieuwe ervaring. Het was een doodnormale wedstrijd en sfeer en daarom kan ik nog steeds zeggen: I’ve never seen an English game.
Ik besloot met de trein te reizen. Dat leek me wel een keer leuk. Jammer dat je langer over het eerste stuk (van Amsterdam naar Brussel) doet dan over het tweede stuk (van Brussel naar Londen). Bovendien was het uitermate irritant dat iedere mededeling in zowel het Engels, het Nederlands als het Frans werd gedaan, hoewel het in Frans ondergedompelde Nederlands van een enkeling best vermakelijk was.
Aangekomen in de stad, stapten we natuurlijk in de eerste de beste dubbeldekker, die ons maar al te graag richting het noorden van het centrum bracht. Daar was het hoog tijd een kijkje te nemen in het studentencomplex waar ik drie nachten zou resideren. De buren bleken geniaal, de keuken uitermate smerig, de douches op allerlei manieren gehandicapt en ook de wekenoude drol in de WC droeg zijn steentje bij aan de algemene indruk.
Ondanks de hoeveelheid afval in de keuken, lukte het me twee keer een hele aardige maaltijd op tafel te zetten. Dit in tegenstelling tot de Britse culinaire hoogstandjes die we in de kantine van het complex voorgeschoteld kregen op de eerste avond. Een echte aanrader voor liefhebbers van grote stapels ongezond eten, want zelfs de groentes leken mijn weerstand slechts te verslechteren.
De bedoeling van het weekend was naast de nodige gezelligheid natuurlijk ook het bezoeken van een Britse pot voetbal. Na een lange en intensieve speurtocht bleken alle lower league clubs te ver weg. Hoe is het toch mogelijk dat een reis binnen één stad even lang kan duren als een enkeltje Eindhoven. Gelukkig was het FA Cup weekend en konden we voor het schamele bedrag van 46 pond genieten van Arsenal-Burnley. Gelukkig konden we gratis met bus, want ook in Londen vertoont de OV-chipkaart (de Oyster) wat problemen. Niet met de apparatuur, maar als je ook zonder te scannen naar binnen en buiten kan, is het systeem nog niet waterdicht in mijn ogen.
De wedstrijd was natuurlijk eigenlijk helemaal niet leuk. Burnley had het geluk voor het seizoen al opgemaakt in eerdere cupconfrontaties met Premier League clubs en Arsenal is gewoon een walgelijke club, met vooral een verschrikkelijke trainer en een ergerniswekkend hoog aantal buitenlanders onder contract. En om nou te zeggen dat de sfeer in het stadion typisch was…Om eens heen zaten voornamelijk andere toeristen, die in tegenstelling tot ons wel een werkende camera of in ieder geval een niet prehistorische mobiele telefoon hadden meegenomen.
Ondanks drie mooie doelpunten (Vela, Eduardo en Eboué) was de wedstrijd eigenlijk het aanzien niet waar. Mooier was de Burnley aanhang die het elftal luidkeels aanmoedigende, zelfs bij deze kansloze nederlaag. Come on, Burnley! Sommige supporters waren zelfs zo fanatiek, dat de stewards zich genoodzaakt zagen ze af te voeren. Voor ons deden er bij Burnley maarliefst twee bekenden mee, te weten Joey Gudjohnsson (eerder RKC en AZ) en Christopher Eagles (eerder NEC), en doelman Jensen deed ons qua postuur enigszins aan een keeper van FC Volendam denken.
Overigens was het leukste aan de hele wedstrijd dat we voor de wedstrijd maarliefst zes pond hadden gewed, drie op 2-0 en drie op 3-0. Omdat we zoveel geld hadden uitgegeven aan een kaartje, konden we de 21 pond die we wonnen goed gebruiken. We gingen dan ook direct na het ophalen van het geld een hamburger halen, en ik moet zeggen, het voelde alsof hij gratis was en lekkerder dan dat ga je ze niet krijgen in je leven.
Toegegeven: het stadion is best mooi en de sfeer rondom het stadion deed mij denken aan verslagen van anderen, maar uiteindelijk viel het geheel toch ietwat tegen. Niet dat ik me niet prima vermaakt heb en er absoluut geen spijt van zo’n grote investering in deze club te doen, maar het voelde niet als een nieuwe ervaring. Het was een doodnormale wedstrijd en sfeer en daarom kan ik nog steeds zeggen: I’ve never seen an English game.
woensdag 6 mei 2009
Tijdloos
Het is eenenvijftig jaar geleden dat Pelé Brazilië haar eerste wereldtitel bezorgde. Inmiddels is Brazilië vijf keer wereldkampioen geworden in verschillende decennia, maar toch wordt ieder Braziliaans talent nog altijd vergeleken met O Rei.
Het is negenenveertig jaar geleden dat Alfredo di Stéfano met onder andere drie doelpunten in de finale Real Madrid naar de eerste Europa Cup 1 schoot. Inmiddels heeft de club de cup met de grote oren negen keer in de prijzenkast staan, maar nog steeds staat Di Stéfano bij iedere aankoop van De Koninklijke symbool voor de grootse historie van de club.
Het is vijfendertig jaar geleden dat Nederland aan de hand van Johan Cruijff de wereld liet kennismaken met het totaalvoetbal. Inmiddels toont vrijwel ieder (groot) toernooi aan dat een behoudende tactiek de winstkansen aanzienlijk vergroot, maar toch streven veel Nederlandse clubs nog steeds naar aanvallend en dominerend voetbal.
Het is zevenentwintig jaar geleden dat Brazilië liet zien dat je een eindtoernooi niet hoeft te winnen om naam te maken. Inmiddels is Griekenland Europees Kampioen geworden met de meest verdedigende tactiek aller tijden, maar nog steeds smullen de liefhebbers bij de gedachte aan de Braziliaanse spelers van toen.
Het is drieëntwintig jaar geleden dat Maradona Argentinië met twee legendarische doelpunten langs Engeland loodste. Daarna deed Pluisje ongeveer alles wat god verboden heeft, maar toen hij met acuut levensgevaar werd opgenomen in het ziekenhuis leefde iedereen met hem mee en toen hij wel oren had in het bondscoachschap van zijn land werd hij direct aangesteld, want ja, het is wel Diego Maradona.
Het is zeventien jaar geleden dat Johan Cruijff als trainer ervoor zorgde dat FC Barcelona eindelijk kampioen van Europa werd. Hoewel Frank Rijkaard dat kunstje veertien jaar later herhaalde, werd zijn ploeg slechts omgedoopt tot Dream Team II, want Cruijff`s ploeg is en blijft voor de socios het absolute droomelftal.
Het is veertien jaar geleden dat Louis van Gaal met Ajax de wereld veroverde. Niemand verwachtte dat Nederlands clubs nog een rol van betekenis konden spelen in Europa, maar met jonge talenten en een gewaagde speelstijl kreeg Van Gaal de wereld aan zijn voeten. Inmiddels is Van Gaal met AZ kampioen geworden door op de counter te spelen, maar toch herinneren Ajacieden zich Van Gaal als de held van ‘95.
Het is pas negentien jaar geleden dat ik geboren werd. De meeste van bovenstaande elftallen heb ik zelf nooit aan het werk gezien. Toch keren ze altijd en overal terug als je over voetbal leest of praat. Je hoort vrijwel nooit mensen praten over de heroïsche overwinningen van Duitsland, of de door Italiaanse elftallen behaalde successen. Voetbal blijft een spel om de toeschouwers te vermaken en mensen herinneren zich de mooiste elftallen. Goed voetbal is tijdloos.
Het is negenenveertig jaar geleden dat Alfredo di Stéfano met onder andere drie doelpunten in de finale Real Madrid naar de eerste Europa Cup 1 schoot. Inmiddels heeft de club de cup met de grote oren negen keer in de prijzenkast staan, maar nog steeds staat Di Stéfano bij iedere aankoop van De Koninklijke symbool voor de grootse historie van de club.
Het is vijfendertig jaar geleden dat Nederland aan de hand van Johan Cruijff de wereld liet kennismaken met het totaalvoetbal. Inmiddels toont vrijwel ieder (groot) toernooi aan dat een behoudende tactiek de winstkansen aanzienlijk vergroot, maar toch streven veel Nederlandse clubs nog steeds naar aanvallend en dominerend voetbal.
Het is zevenentwintig jaar geleden dat Brazilië liet zien dat je een eindtoernooi niet hoeft te winnen om naam te maken. Inmiddels is Griekenland Europees Kampioen geworden met de meest verdedigende tactiek aller tijden, maar nog steeds smullen de liefhebbers bij de gedachte aan de Braziliaanse spelers van toen.
Het is drieëntwintig jaar geleden dat Maradona Argentinië met twee legendarische doelpunten langs Engeland loodste. Daarna deed Pluisje ongeveer alles wat god verboden heeft, maar toen hij met acuut levensgevaar werd opgenomen in het ziekenhuis leefde iedereen met hem mee en toen hij wel oren had in het bondscoachschap van zijn land werd hij direct aangesteld, want ja, het is wel Diego Maradona.
Het is zeventien jaar geleden dat Johan Cruijff als trainer ervoor zorgde dat FC Barcelona eindelijk kampioen van Europa werd. Hoewel Frank Rijkaard dat kunstje veertien jaar later herhaalde, werd zijn ploeg slechts omgedoopt tot Dream Team II, want Cruijff`s ploeg is en blijft voor de socios het absolute droomelftal.
Het is veertien jaar geleden dat Louis van Gaal met Ajax de wereld veroverde. Niemand verwachtte dat Nederlands clubs nog een rol van betekenis konden spelen in Europa, maar met jonge talenten en een gewaagde speelstijl kreeg Van Gaal de wereld aan zijn voeten. Inmiddels is Van Gaal met AZ kampioen geworden door op de counter te spelen, maar toch herinneren Ajacieden zich Van Gaal als de held van ‘95.
Het is pas negentien jaar geleden dat ik geboren werd. De meeste van bovenstaande elftallen heb ik zelf nooit aan het werk gezien. Toch keren ze altijd en overal terug als je over voetbal leest of praat. Je hoort vrijwel nooit mensen praten over de heroïsche overwinningen van Duitsland, of de door Italiaanse elftallen behaalde successen. Voetbal blijft een spel om de toeschouwers te vermaken en mensen herinneren zich de mooiste elftallen. Goed voetbal is tijdloos.
maandag 4 mei 2009
De angst regeert
Vorige week werden de eerste halve finales van de Champions League gespeeld. FC Barcelona trad in het eigen Camp Nou aan tegen het Chelsea van Guus Hiddink. De Nederlander is inmiddels overal op de wereld geliefd en wordt door velen gezien als misschien wel de beste trainer van de wereld. Op voorhand kondigde Guus geluk aan dat zijn team het veld op zou gaan om een doelpunt te maken. Niet bleek minder waar. De angst voor de geoliede aanvalsmachine van de Catalanen was zo groot, dat Hiddink besloot maar één speler over de middellijn op te stellen: Drogba. Josep Guardiola, trainer van Barça, stuurde zijn manschappen zoals iedere wedstrijd naar voren. Helaas bleken de twee muren die Chelsea voor haar eigen doel optrok niet te slechten.
Om te winnen moet je minimaal één doelpunt meer maken dan de tegenstander. Van wie anders dan onze legendarische landgenoot Johan Cruijff kan deze uitspraak zijn. Guardiola werd door Cruijff in de jaren ’90 bij het eerste elftal van Barcelona gehaald en groeide uit tot zijn belangrijkste speler. Het is dus niet toevallig dat Guardiola dezelfde denkwijze heeft als Cruijff. Hiddink blijkt de Hollandse school echter niet meer aan te hangen. Om te winnen moet je minimaal één doelpunt minder tegen krijgen dan je tegenstander, moet zijn gedachte zijn geweest. Een denkwijze die door vele trainers van Europese (top)clubs wordt gedeeld.
Deze manier van spelen is slechts op één manier af te straffen: door met aanvallend voetbal ervan te winnen. Verdedigen is echter makkelijker dan aanvallen, dus het zou mij niet verbazen als Chelsea aanstaande woensdag Barça verslaat, wellicht na wederom een 0-0 en een strafschoppenserie. Of Barça geeft in de aanvalsdrift net teveel ruimte aan die ene aanvaller van Chelsea. En dan staat Chelsea voor de tweede keer op rij in de finale van het belangrijkste Europese toernooi, zonder daadwerkelijk beter te zijn dan anderen. De supporters van Chelsea zal het niet interesseren, zolang hun ploeg maar in de finale staat.
Neem het deze supporters maar eens kwalijk. Voetbal is een spel om de toeschouwers te vermaken. Maar wat vermaakt het publiek meer: goed voetbal of goede resultaten? De combinatie leidt logischerwijs tot grootste genot, maar blijkbaar is deze voor vele clubs onbereikbaar. Zelf zou ik ook juichen als mijn favoriete clubs succes hebben met een behoudende tactiek, maar lang zou ik het niet volhouden. Uiteindelijk wil ik veel en mooie doelpunten zien als ik in het stadion zit. Spanning vergoedt sporadisch veel, maar voor mij lang niet genoeg.
Eén van de oorzaken van het verdedigende voetbal is een regel die is ingevoerd om het voetbal juist aanvallender te maken. Een uitdoelpunt telt immers dubbel bij gelijke stand. Dit houdt in dat de thuisspelende ploeg vaak met de handrem erop speelt (niet in de eerder genoemde wedstrijd overigens), terwijl de regel juist bedoeld is om de uitspelende ploeg aan te laten vallen. Een afschaffing van deze gedateerde regel lijkt mij de eerste stap richting aantrekkelijker (Europees) voetbal.
Ook in Nederland lijkt de angst te regeren. AZ werd vorig seizoen ondanks alle goede intenties vaak verslagen. Een elfde plaats was het onlogische gevolg. Om dit te voorkomen bleek zelfs een fervent aanhanger van aantrekkelijk voetbal, Louis van Gaal, bereid veel behoudender te gaan spelen. Natuurlijk niet zo extreem zoals Chelsea dat deed in Camp Nou, maar ook niet minder extreem dan PSV de afgelopen jaren. Het bleek helaas weer een sleutel tot succes, mede doordat ploegen die wel graag willen aanvallen daar eigenlijk helemaal niet toe in staat zijn, laat staan dat de zwakkere broeders een goed georganiseerde defensie kunnen verslaan.
Hopelijk wint het FC Barcelona van Guardiola de Champions League. Drie jaar geleden won Barça de cup onder leiding van Frank Rijkaard. Hoewel deze ook aanvallend speelde, is de huidige ploeg mooier om te aanschouwen. Waar de ploeg van Rijkaard het vooral moest hebben van de individuele kwaliteiten van Ronaldinho en Deco, zorgt het combinatiespel van de huidige ploeg juist voor de mooiste (team)doelpunten van de afgelopen jaren. Zul je zien dat Drogba roet in het eten gaat gooien…
Om te winnen moet je minimaal één doelpunt meer maken dan de tegenstander. Van wie anders dan onze legendarische landgenoot Johan Cruijff kan deze uitspraak zijn. Guardiola werd door Cruijff in de jaren ’90 bij het eerste elftal van Barcelona gehaald en groeide uit tot zijn belangrijkste speler. Het is dus niet toevallig dat Guardiola dezelfde denkwijze heeft als Cruijff. Hiddink blijkt de Hollandse school echter niet meer aan te hangen. Om te winnen moet je minimaal één doelpunt minder tegen krijgen dan je tegenstander, moet zijn gedachte zijn geweest. Een denkwijze die door vele trainers van Europese (top)clubs wordt gedeeld.
Deze manier van spelen is slechts op één manier af te straffen: door met aanvallend voetbal ervan te winnen. Verdedigen is echter makkelijker dan aanvallen, dus het zou mij niet verbazen als Chelsea aanstaande woensdag Barça verslaat, wellicht na wederom een 0-0 en een strafschoppenserie. Of Barça geeft in de aanvalsdrift net teveel ruimte aan die ene aanvaller van Chelsea. En dan staat Chelsea voor de tweede keer op rij in de finale van het belangrijkste Europese toernooi, zonder daadwerkelijk beter te zijn dan anderen. De supporters van Chelsea zal het niet interesseren, zolang hun ploeg maar in de finale staat.
Neem het deze supporters maar eens kwalijk. Voetbal is een spel om de toeschouwers te vermaken. Maar wat vermaakt het publiek meer: goed voetbal of goede resultaten? De combinatie leidt logischerwijs tot grootste genot, maar blijkbaar is deze voor vele clubs onbereikbaar. Zelf zou ik ook juichen als mijn favoriete clubs succes hebben met een behoudende tactiek, maar lang zou ik het niet volhouden. Uiteindelijk wil ik veel en mooie doelpunten zien als ik in het stadion zit. Spanning vergoedt sporadisch veel, maar voor mij lang niet genoeg.
Eén van de oorzaken van het verdedigende voetbal is een regel die is ingevoerd om het voetbal juist aanvallender te maken. Een uitdoelpunt telt immers dubbel bij gelijke stand. Dit houdt in dat de thuisspelende ploeg vaak met de handrem erop speelt (niet in de eerder genoemde wedstrijd overigens), terwijl de regel juist bedoeld is om de uitspelende ploeg aan te laten vallen. Een afschaffing van deze gedateerde regel lijkt mij de eerste stap richting aantrekkelijker (Europees) voetbal.
Ook in Nederland lijkt de angst te regeren. AZ werd vorig seizoen ondanks alle goede intenties vaak verslagen. Een elfde plaats was het onlogische gevolg. Om dit te voorkomen bleek zelfs een fervent aanhanger van aantrekkelijk voetbal, Louis van Gaal, bereid veel behoudender te gaan spelen. Natuurlijk niet zo extreem zoals Chelsea dat deed in Camp Nou, maar ook niet minder extreem dan PSV de afgelopen jaren. Het bleek helaas weer een sleutel tot succes, mede doordat ploegen die wel graag willen aanvallen daar eigenlijk helemaal niet toe in staat zijn, laat staan dat de zwakkere broeders een goed georganiseerde defensie kunnen verslaan.
Hopelijk wint het FC Barcelona van Guardiola de Champions League. Drie jaar geleden won Barça de cup onder leiding van Frank Rijkaard. Hoewel deze ook aanvallend speelde, is de huidige ploeg mooier om te aanschouwen. Waar de ploeg van Rijkaard het vooral moest hebben van de individuele kwaliteiten van Ronaldinho en Deco, zorgt het combinatiespel van de huidige ploeg juist voor de mooiste (team)doelpunten van de afgelopen jaren. Zul je zien dat Drogba roet in het eten gaat gooien…
maandag 27 april 2009
Het Moment
Landelijk Economen Zaalvoetbaltoernooi. Halve finale, het niveau stijgt per wedstrijd. Al een paar minuten de bal niet meer gehad. Van voet tot voet gaat hij er steeds net voor onze neus vandoor. De achterstand is terecht, maar ongelukkig tot stand gekomen. Een fractie van concentratieverlies lijkt fatale gevolgen te krijgen, het toernooi ten einde. De minutenlange aanval eindigt uiteindelijk in de handen van onze doelman.
Tijd voor een sprint. De tegenstander gelooft het wel, ze gaan winnen. De doelman werpt de bal strak richting de linkerflank. Zonder te twijfelen of aannemen volgt een schot op doel. Verbijsterd kijken vijf mannen naar hun eigen doel. Hij zit erin. Drie minuten de bal gehad en binnen drie seconde een doelpunt. Aan de andere kant: het is gelijk.
Een paar minuten later maken we de winnende. De tegenstander is geen schim meer van de eerste driekwart van de wedstrijd. Catenaccio ten top heeft het zelfvertrouwen de nek om gedraaid. Ook zo winnen geeft een heerlijk gevoel. De tegenstander kansloos laten, terwijl ze alle kans dachten te hebben. De overwinning is onterecht, maar niet gelukkig tot stand gekomen.
Tijd voor een sprint. De tegenstander gelooft het wel, ze gaan winnen. De doelman werpt de bal strak richting de linkerflank. Zonder te twijfelen of aannemen volgt een schot op doel. Verbijsterd kijken vijf mannen naar hun eigen doel. Hij zit erin. Drie minuten de bal gehad en binnen drie seconde een doelpunt. Aan de andere kant: het is gelijk.
Een paar minuten later maken we de winnende. De tegenstander is geen schim meer van de eerste driekwart van de wedstrijd. Catenaccio ten top heeft het zelfvertrouwen de nek om gedraaid. Ook zo winnen geeft een heerlijk gevoel. De tegenstander kansloos laten, terwijl ze alle kans dachten te hebben. De overwinning is onterecht, maar niet gelukkig tot stand gekomen.
maandag 16 maart 2009
De Trainer, deel I
Het is donderdagavond. De hele dag achter de computer gezeten op kantoor. Een ideaal moment om samen met vrouwlief te dineren. Laatst nog ergens gelezen dat tafelmomenten essentieel zijn voor een goede en gezonde relatie. Waar halen ze de onzin toch vandaag? De aandacht verslapt. Ik sta niet voor niets op dit slecht verlichte trainingsveld.
Afgelopen weekend weer kansloos de boot ingegaan. Deze cursus kan ik wel gebruiken getuige de ranglijst. Inmiddels alles al geprobeerd. Kan ik het helpen dat mijn spelers niet kunnen voetballen? Een extra diploma staat goed op mijn CV. Hopelijk ontslaat het bestuur me niet. Wegdromend luister ik naar de instructies. Pionnen hier, pijlen daar...Taktiek bepalen is als het naschilderen van een Mondriaan. Rechte lijnen, maar het ziet er interessant uit.
Eindelijk heb ik een nieuwe jas van de club gekregen. Een paar maten te groot. Het hele seizoen mijn tenen eraf gevroren. Uitgerekend vandaag is het warm. Mijn initialen staan op de jas gedrukt. Zo heb ik het in de Premier League gezien. Professionaliteit zit in de details. Ik weet het nu zeker: dit weekend gaan we winnen.
Afgelopen weekend weer kansloos de boot ingegaan. Deze cursus kan ik wel gebruiken getuige de ranglijst. Inmiddels alles al geprobeerd. Kan ik het helpen dat mijn spelers niet kunnen voetballen? Een extra diploma staat goed op mijn CV. Hopelijk ontslaat het bestuur me niet. Wegdromend luister ik naar de instructies. Pionnen hier, pijlen daar...Taktiek bepalen is als het naschilderen van een Mondriaan. Rechte lijnen, maar het ziet er interessant uit.
Eindelijk heb ik een nieuwe jas van de club gekregen. Een paar maten te groot. Het hele seizoen mijn tenen eraf gevroren. Uitgerekend vandaag is het warm. Mijn initialen staan op de jas gedrukt. Zo heb ik het in de Premier League gezien. Professionaliteit zit in de details. Ik weet het nu zeker: dit weekend gaan we winnen.
Abonneren op:
Posts (Atom)